daarvoor / hiervoor

Om terug te verwijzen naar een eerder genoemde zaak of persoon, of naar een vorige zin, is het aan te bevelen om zo veel mogelijk daarvoor of ervoor te gebruiken. Dat doet u ook als u spontaan spreekt. Terugverwijzen met hiervoor is niet fout, maar is nogal nadrukkelijk en formeel.

  • Wie met de auto naar het werk rijdt en daarvoor een woon-werkvergoeding ontvangt, komt niet in aanmerking.
  • We zoeken een oppas voor onze poes. Wie wil er volgende week voor zorgen?
Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback