efficiënt / effectief

Efficiënt en effectief hebben een verschillende betekenis. Efficiënt betekent 'doelmatig, op een manier die weinig middelen of inspanningen vergt'.

  • Mijn collega kan in korte tijd veel werk verzetten en is dus heel efficiënt.
  • Dat formulier is heel efficiënt, want het kan gemakkelijk ingevuld en verwerkt worden.

Effectief betekent 'doeltreffend, ongeacht de manier waarop het doel wordt bereikt'.

  • De campagne was heel effectief waardoor het bedrijf veel winst heeft geboekt.
  • De maatregelen om de verkeersveiligheid te verhogen zijn heel effectief en hebben het aantal ongevallen drastisch doen dalen.

Efficiëntie en effectiviteit vallen niet altijd samen.

  • De grote investeringen van dat bedrijf zijn effectief maar niet efficiënt.
  • Het Amerikaanse leger opereerde effectief, maar het was verre van efficiënt.
Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback
Volg ons