hebben: u heeft / u hebt, heeft u / hebt u

U hebt en u heeft zijn allebei correct. Hetzelfde geldt voor hebt u en heeft u. U kunt uw eigen voorkeur volgen. In taaladviesboeken wordt meestal u hebt geadviseerd, de vorm die overeenkomt met de andere vormen van de tweede persoon enkelvoud: jij hebt, gij hebt.

Taaladvies.net
U heeft / hebt

Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback
Volg ons