met / mee

Als met één woord vormt met er, daar, hier of waar, verandert het in mee: ermee, daarmee, hiermee, waarmee. Zulke combinaties kunnen van elkaar gescheiden zijn doordat er andere woorden tussen staan.

  • Daarmee lukt het wel!
  • Hij werkt er graag mee.

Taaladvies.net
Tot / toe (afdeling waar hij toegang - had)

Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback
Volg ons