nuclide: de nuclide / het nuclide

Nuclide ('atoomkern') kan in het Nederlands zowel een vrouwelijk de-woord als een het-woord zijn. Er is geen betekenisverschil. U kunt uw taalgevoel volgen, maar pas uw keuze wel consequent toe.

  • Als u de nuclide zegt, zegt u ook die/deze nuclide, elke nuclide en krijgt een bijvoeglijk naamwoord altijd een buigings-e: de instabiele nuclide, een instabiele nuclide, instabiele nuclide.
  • Als u het nuclide zegt, zegt u ook dit/dat nuclide, elk nuclide en krijgt een bijvoeglijk naamwoord geen buigings-e na een, geen, elk en welk: een instabiel nuclide, geen instabiel nuclide, elk instabiel nuclide. Ook als er niets aan voorafgaat, blijft het bijvoeglijk naamwoord onverbogen: instabiel nuclide.

Taaladvies.net
Nuclide (de / het -)

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 13.000 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons