op afspraak / na afspraak / volgens afspraak

Op afspraak, na afspraak en volgens afspraak zijn alle drie correct in de betekenis 'na het maken van een afspraak'. Op afspraak is het gebruikelijkst.

  • Op woensdag is er spreekuur op afspraak / na afspraak / volgens afspraak.
  • Raadpleging uitsluitend op afspraak / na afspraak / volgens afspraak.

Volgens afspraak kan daarnaast ook 'zoals afgesproken' betekenen.

  • Ze was boos omdat de goederen niet volgens afspraak geleverd waren.

Taaladvies.net
Afspraak (op / na / volgens -)

Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback
Volg ons