peptide: de peptide / het peptide

Peptide ('verbinding van aminozuren') kan in het Nederlands zowel een vrouwelijk de-woord als een het-woord zijn. Er is geen betekenisverschil. U kunt uw taalgevoel volgen, maar pas uw keuze wel consequent toe.

  • Als u de peptide zegt, zegt u ook die/deze peptide, elke peptide en krijgt een bijvoeglijk naamwoord altijd een buigings-e: de antibacteriële peptide, een antibacteriële peptide, antibacteriële peptide.
  • Als u het peptide zegt, zegt u ook dit/dat peptide, elk peptide en krijgt een bijvoeglijk naamwoord geen buigings-e na een, geen, elk en welk: een antibacterieel peptide, geen antibacterieel peptide, elk antibacterieel peptide. Ook als er niets aan voorafgaat, blijft het bijvoeglijk naamwoord onverbogen: antibacterieel peptide.

Taaladvies.net
Nuclide (de / het -)

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 13.000 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons