varen (vervoegen)

Vervoeging:

  • ik vaar, jij vaart, wij varen
  • ik voer, wij voeren
  • ik heb gevaren
  • de gevaren koers

De verledentijdsvorm van het werkwoord varen is voer. Vaarde is een recentere vorm, die nog niet voor iedereen aanvaardbaar is.

Taaladvies.net
→ Werkwoorden met een zwakke en een sterke vervoeging (algemeen)

Hebt u een taalvraag?

Nieuwsbrief krijgen?

  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 12.500 abonnees

Spellingtests

  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback

Volg ons