woordgebruik - moeilijke woorden

De taalkennis en het opleidingsniveau van uw toehoorders, gesprekspartners of lezers bepalen in sterke mate welke woorden u kunt gebruiken. Als uw doelgroep bestaat uit mensen die minder taalvaardig zijn of een beperkte kennis van het Nederlands hebben, moet u extra aandacht aan het woordgebruik besteden. Hieronder staan tips voor het gebruik van moeilijke woorden.
 

1. Gebruik vaktermen alleen bij vak- of beroepsgenoten.

Als u in een bepaald vakgebied zit of een bepaald beroep uitoefent, bent u vertrouwd met de daarin gehanteerde vaktermen. Het voordeel daarvan is dat u snel met vak- en beroepsgenoten kunt communiceren. Het nadeel is dat zulke vaktermen niet voor iedereen begrijpelijk zijn. Een arts weet wat metastase, fractuur en influenza betekenen, maar voor veel mensen zijn dat onduidelijke wetenschappelijke woorden. De algemeen bekende woorden daarvoor zijn uitzaaiing, breuk en griep.

Reserveer vaktermen voor situaties waarin uw doelgroep alleen uit vak- of beroepsgenoten bestaat. Houd er altijd rekening mee dat er in uw doelgroep mensen kunnen zitten die niet dezelfde vakkennis hebben als u. Gebruik vaktermen ook niet om te imponeren. Dat werkt misschien even, maar al snel zullen de toehoorders, gesprekspartners of lezers afhaken omdat ze de dure woorden niet begrijpen.
 

2. Leg moeilijke woorden uit.

Als uw boodschap over complexe zaken gaat, kunt u die niet altijd in eenvoudige bewoordingen uitdrukken. U hebt dan moeilijke woorden nodig, omdat er bijvoorbeeld geen eenvoudig synoniem bestaat of omdat de woorden helemaal nieuw zijn. Definieer of leg zulke woorden uit als u ze de eerste keer gebruikt. Bijvoorbeeld: In tijdschriften vind je steeds meer streamers. Dat zijn korte citaten uit de tekst, die in een grotere letter staan om de aandacht van de lezers te trekken.

Of een woord moeilijk is, hangt natuurlijk sterk van uw doelgroep af. Als de toehoorders, gesprekspartners of lezers al voorkennis over een bepaald onderwerp hebben, zullen ze van de moeilijke woorden minder last hebben. Maar denk niet te vlug dat ze wel weten wat u bedoelt.


woordgebruik - formele woorden
woordgebruik - leenwoorden
woordgebruik - vage woorden
woordgebruik - synoniemen
woordgebruik - omslachtige formuleringen
woordgebruik - nominaliseringen
woordgebruik - verwijzingen naar de lezer of toehoorder
woordgebruik - expressieve elementen

Hebt u een taalvraag?
Nieuwsbrief krijgen?
  • vraag & woord van de week
  • wekelijks in uw mailbox
  • meer dan 11.000 abonnees
Spellingtests
  • ontdek hoe goed u spelt
  • geen exotische kwesties
  • meteen feedback